HERKENBAARHEID
 
 
WETENSWAARDIGHEDEN
 
Nationale status
inheems
Algemeenheid statistiek
zeldzaam
Algemeenheid (schatting)
-
Migrant?:
standvlinder
 
WANNEER VLIEGT DE VLINDER?
TOE- OF AFNAME (TREND)
 
Stabiel.
 
RECENTE VONDSTEN
 
Kaarten op Waarneming.nl
 
FOTO AANBIEDEN
 
Hoe kan ik bijdragen?
 
AUTEUR(S)
 
Koster, J.C. | Bronnen
 
LAATSTE AANPASSING
 
May 25, 2010, 10:52 pm
Familie: Agonoxenidae, klinknagelmotten (subfamilie ')
 
 
geelkopmot
Spuleria flavicaput  (Haworth, 1828)
 
Meer afbeeldingen:

Vlinder (leg/det/foto: R. Goossens, Baasrode, Prov. Oost-Vlaanderen, Belgie, 22.iv.2013)
 
 

Spuleria flavicaput in Nederland

Een zeldzame soort die alleen in het zuidwesten van ons land wat vaker wordt gevonden. Voorkomend vooral bij heggen, hout- wallen en in de duinen, daar waar de voedselplant groeit.

Herkenning

De vlinders kennen een spanwijdte van 11-14 mm. De soort vliegt in een generatie in mei en juni. Door de donkerbruine vleugels in contrast met de heldergele kop is de vlinder niet te verwarren met andere soorten.

Levenswijze 'biologie'

De larve is bruinachtig wit met bruine punten. Kop, borst- en anaalschild donkerbruin. De larve leeft van de zomer tot de herfst in een twijg, uitsluitend in een nog zachte twijg van breinaalddikte. Het begint bij de vertakking en boort zich tot in de kern in de richting van de top. De gang is ongeveer 3 cm lang. Aan het einde buigt de gang zich naar de buitenkant van de twijg, waar een opening voor het uitkomen wordt gemaakt. Verpopping in de gang van de herfst tot mei.

Etymologie

Geen nadere verklaring vereist.

Waardplanten of voedsel Voor referenties, zie linkermenu "Bronnen"

Eenstijlige meidoorn (Crataegus monogyna) en tweestijlige meidoorn (C. laevigata).

 
VERSPREIDING

Bekijk eerdere periodes...


De soort kan worden verward met:


Lampronia fuscatella
berkengalmot


 
 
  © All content copyright www.microlepidoptera.nl and allied photographers.