WETENSWAARDIGHEDEN
 
Afmeting in spanwijdte
7-9 mm
Nationale status
inheems
Voorkomen:
vrij algemeen
Migrant?:
nee
 
HERKENBAARHEID
   
 
TOE- OF AFNAME (TREND)
 
Stabiel.
 
RECENTE VONDSTEN
 
Kaarten op Waarneming.nl
 
FOTO AANBIEDEN
 
Hoe kan ik bijdragen?
 
AUTEUR(S)
 
Muus, T.S.T. | Bronnen
 
LAATSTE AANPASSING
 
July 29, 2011, 2:00 am
Familie: Bucculatricidae, ooglapmotten
 
 
meidoornooglapmot
Bucculatrix bechsteinella (Bechstein & Scharfenberg, 1805)
 
Vliegtijddiagram
Vlinder (leg/det/foto: T. Muus, Olterterp, Prov. Friesland, v.2007)
 
 

Bucculatrix bechsteinella in Nederland

Zeer algemeen aan de kustgebieden en wat dieper landinwaards, tot wat minder algemeen in het binnenland. De soort vooral in de duinen aangetroffen, maar is ook gemakkelijk te vinden in meer stedelijk gebied, in parken en tuinen.

Herkenning

De voorvleugel is zacht bruin of wittig van kleur en rijk bestoven met bruine schubben. Met een donkere vlek langs de onderrand van de voorvleugel, evenals een tweetal bruine banden die ontstaan langs de voorrand van de voorvleugel, aan het einde van de tweede vlek bevindt zich een kleine smalle stigma, meestal een zwart streepje. De kopbeharing is wit. Verwante soorten, zie ook B. ulmifoliae en de kleinere en contrastrijkere B. ulmella.

Levenswijze 'biologie'

...

De biologie van deze soort is uitgebreid beschreven op Bladmineerders.nl

Etymologie

Ooglapmot verwijst naar de verdikte antennebasis, die in rust over het oog valt. Te verwarren met oogklepmotten (= Opostegidae).

Waardplanten of voedsel Voor referenties, zie linkermenu "Bronnen"

Meidoorn (Crataegus), eenstijlige meidoorn (C. monogyna) en tweestijlige meidoorn (C. laevigata).

 



 
 
  © All content copyright www.microlepidoptera.nl and allied photographers.